‘Uut het scheidsrechterboek’: (2). De buitenspelregel

In deze rubriek wordt om de 2 weken de aandacht gevestigd op een onderwerp waar iedereen mee te maken heeft als zij het sportcomplex betreden. Met deze week: buitenspel.

Een voetbalwedstrijd zal nooit perfect kunnen zijn. Iedere speler/toeschouwer kan zich druk maken om 1 regel waar altijd discussies over zullen ontstaan. Stond de speler wel, of juist niet buitenspel?

Een korte toelichting wanneer er wel of geen sprake is van buitenspel.

Wanneer een veldspeler zich bevindt achter de een na laatste speler van de tegenpartij dan staat de speler officieel buitenspel. De discussie ontstaat door een gebrek aan kennis en inzicht wanneer een speler buitenspel staat. Een veldspeler zal nooit buitenspel kunnen staan wanneer deze in balbezit komt op zijn eigen speelhelft. Ook wanneer er meerdere spelers van de aanvallende partij naar het doel van de tegenstander rennen en de bal niet voorwaarts, maar wordt teruggelegd op 1 van de meegelopen spelers is er geen sprake van buitenspel.

Het is geen geheim dat buitenspel voor scheidsrechters 1 van de moeilijkste regels in het voetbal is. Het voordeel voor een scheidsrechter is dat deze niet volgens de regels hoeft af te gaan op een signaal van de grensrechter als deze buitenspel denkt te constateren. Voor scheidsrechters is het daarom van groot belang om goed het spel te volgen en de bal nooit ver uit het zicht te raken, zodat de discussie of de speler buitenspel staat of niet al veel twijfel zal kunnen wegnemen.

Na iedere wedstrijd zal er nog weleens met regelmaat nagepraat worden over een buitenspelsituatie, maar zolang er op het sportcomplex van FC Zutphen geen gebruik wordt gemaakt van een VAR (Video Assistent Referee) zal de situatie altijd het voordeel van de twijfel krijgen.